Een nieuw product verkopen is een proef en geen uitbreiding. Je neemt er een kleine hoeveelheid van, je legt vooraf vast waaraan je afleest of het loopt, en je bepaalt van tevoren op welke dag je beslist of het blijft. Zonder die drie afspraken is het geen proef maar een aankoop die je achteraf goedpraat.
Deze pagina gaat over de beslissing zelf. Wat een product je aan regels, ruimte en werk per week kost zodra het eenmaal in je schap ligt, staat op de pagina over de verkoop van boerderijproducten. Reken dat werk mee in je proef, want het verandert niet doordat je het tijdelijk noemt.
Vier dingen liggen vast voordat je de eerste doos bestelt. Schrijf ze op papier, want tegen de tijd dat je moet beslissen, weet je niet meer wat je er vooraf van verwachtte.
| Wat je vastlegt | Waarom het vooraf moet |
|---|---|
| De vraag die de proef beantwoordt | "Kopen mijn klanten dit" is iets anders dan "past dit bij mijn winkel" |
| De hoeveelheid | Klein genoeg om te kunnen mislukken zonder dat het je week kost |
| De einddatum | Anders schuift die op zodra het tegenvalt |
| Wat het minstens moet opleveren | Eén getal, opgeschreven voordat je weet wat het gaat worden |
Die laatste is de lastigste, en precies daarom hoort hij op papier. Op de dag van beslissen sta je te onderhandelen met het geld dat je al hebt uitgegeven, en dan wint elk product van elk getal dat je op dat moment nog moet verzinnen.
Een proef moet minstens twee keer door het bezoekritme van je vaste klanten heen. De eerste keer zien ze dat het er ligt, de tweede keer beslissen ze of ze het meenemen. Stop je daarvoor, dan heb je gemeten hoeveel mensen nieuwsgierig zijn en niet of het product verkoopt.
Kijk daarnaast wat er in die weken toevallig gebeurde. Een vakantieweek, een feestdag, een week regen of een kraam op het dorpsplein trekt je proef scheef, en dat kan beide kanten op. Valt zo'n week binnen je proef, noteer dat er dan bij.
Bij een product dat maar in één seizoen loopt, kun je die twee ronden niet afwachten. Dan is de eerlijke conclusie dat je dit seizoen alleen leert of het te maken en te verkopen is, en dat de vraag of het blijft pas volgend jaar te beantwoorden valt.
Omzet is hier het minst bruikbare getal, want een enkele grote afname laat een product lopen dat stilstaat. Wat je nodig hebt, is dit.
| Wat je bijhoudt | Wat het je vertelt |
|---|---|
| Stuks per week | Of er beweging in zit, los van wat het opbracht |
| Klanten die het een tweede keer kopen | Of het product bevalt, of alleen je kaartje |
| Wat een klant gemiddeld afrekent | Of het erbij komt of ergens voor in de plaats |
| Wat je ervan afprijst of weggooit | Wat de proef stiekem kost naast de inkoop |
| Handelingen per week | Bestellen bij een leverancier erbij, datums nalopen, apart bijvullen |
De tweede rij is degene die beslist. Een eerste aankoop meet je bordje, je plek en het feit dat het nieuw is. Een tweede aankoop meet het product. Blijft die tweede uit terwijl de eerste goed liep, dan heb je geen product maar een gebeurtenis gehad.
Ruimte in het zicht is bij een winkel op het erf het schaarste dat je hebt. Elk vak dat een proef krijgt, is een vak dat iets afstaat wat al verkocht, en dat blijft na de proef zelden vanzelf terugkomen op zijn oude plek.
Naast de ruimte kost het aandacht. Iemand moet het uitleggen aan de toonbank, eraan denken bij het bijvullen en de datum bijhouden. Draait je winkel een deel van de week onbemand, dan valt het uitleggen weg en moet het kaartje het alleen doen. Dat is een strengere proef, en het is goed om te weten dat je die draait.
Vandaar de vraag die je aan het eind stelt: rekent een klant meer af dan hiervoor, of hetzelfde bedrag met een ander product erin. In het tweede geval heb je iets verplaatst en betaalt je bestaande schap de rekening.
Eruit halen is geen mislukte proef. Een proef die nee oplevert, heeft precies gedaan waarvoor hij bedoeld was, en dat is wat anders dan het seizoensrondje waarin je je hele lijst nog eens langsloopt.
Doe het in drie stappen. Stop met bijbestellen, verkoop op wat er ligt, en zet het artikel in je lijst uit in plaats van het weg te gooien, zodat je volgend jaar nog kunt zien wat het deed. Hoe je een restant kwijtraakt zonder het af te schrijven, staat op de pagina over voorraad verlagen; hoe je artikelen aan- en uitzet in plaats van je lijst steeds opnieuw te maken, staat bij het verkopen van producten.
Schrijf er één zin bij over waarom het niet liep. Te duur voor deze klant, verkeerde eenheid, verkeerde plek, of te veel werk per week. Zonder die zin doe je over twee jaar dezelfde proef nog een keer.
Een proef is pas een proef als je hem achteraf kunt uitlezen. Dat vraagt weinig: per artikel per week hoeveel stuks eruit gingen, en of het nieuwe product op bonnen stond naast je bestaande producten of in plaats daarvan.
Wij bouwen software voor dit soort winkels, en dit is waar wij als eerste naar kijken. Niet naar wat een systeem allemaal kan, maar naar wat er van een proef overblijft op het moment dat je moet beslissen. Moet je daarvoor aan het eind van de week iets overtypen uit een schrift, dan gebeurt het niet en beslis je op gevoel.
Of het erbij hoort, blijkt uit wat het in een paar weken doet naast de rest van je schap. Waar je dat ziet, staat bij ons kassasysteem.
Twijfel je over een product dat je erbij wilt nemen, of over eentje dat er al ligt zonder dat je weet of hij iets doet, neem dan contact op. We plannen een gesprek waarin jij laat zien hoe je het nu doet: wat je verkoopt, hoe je bijhoudt wat eruit gaat en waar je op dit moment op afgaat. Daarna helpen we je persoonlijk op weg. Er zit geen aanvraagtraject en geen verkoopgesprek tussen.